Column Ciska
Voor mijn werk reis ik bij voorkeur met het openbaar vervoer. Op mijn in- en uitstapstations kom ik mensen tegen met wie het zichtbaar minder gaat. Ze zijn vervuild, hangen rond, praten of schreeuwen tegen niemand in het bijzonder.
Wat mij altijd opvalt: al die forensen – en ik dus ook - zijn druk in beweging. Stevig doorstappend om hun aansluiting te halen, telefoon in de hand. Eén en al dynamiek. Voor die dakloze vrouw of man zijn vandaag, morgen en de dagen daarna waarschijnlijk hetzelfde. Iedere dag de uitdaging: hoe kom ik aan onderdak, hoe blijf ik warm, eet ik vanavond?
Aantal mensen dat niet meedraait in de maatschappij groeit
Nu, in de herfst, krijgt de maatschappelijke zorg van de GGD Kennemerland het drukker. Onze medewerkers komen meer mensen tegen die op straat zwerven, in hun auto slapen, die niet ‘meedraaien’ in de maatschappij. Hun aantal groeit, en niet alleen in onze regio. Ook de Amsterdamse burgemeester Halsema vraagt daar aandacht voor. De situatie gaat ook vaak gepaard met drugsverslaving.
De zorg die we bieden, samen met andere organisaties en gemeenten, kan onder meer de verzorging zijn van wonden die mensen op straat oplopen. Of het begeleiden van mensen naar de zorg die er voor hen is (maar waar ze vaak zelf niet makkelijk op af stappen). Of gewoon: een beetje aandacht.
Wat ik kan doen is iemand aandacht geven
Ik ben trots op de GGD-collega's die dit werk doen. Terwijl ik de trap neem naar de stationsgang, denk ik altijd: wat kan ík doen? Geld geven? Daarmee beloon ik bedelen. Dat vind ik moeilijk. Ik wil wel geven. Tegelijkertijd wil ik afhankelijkheid niet versterken.
Wat wél kan: iemand een kop koffie of een flesje water aanbieden. Ik kies er altijd voor om iemand aandacht te geven. Dat kan door een praatje te maken, maar ook door te laten blijken dat je iemand hebt gezien. Dat moét toch kunnen, tussen al die appjes en afspraken? Vaak is gezondheid een zaak van hard werken – soms is het een zaak van opmerken en aandacht geven.